‘When in doubt, don’t do what you really want to do.’

De film Human Nature is een verhaal over een man die meent aap te zijn, omdat hij door zijn vader als zodanig in de wildernis is opgegroeid. Hij wordt ontdekt door een wetenschapper en deze vormt de aapmens om tot een welbespraakt mens. De wetenschapper Nathan Bronfman had eerst een project waarbij hij tafelmanieren leerde aan muizen, want als hij het aan muizen kan leren, kan hij het ook aan mensen leren en wil zo de wereld veiliger en aangenamer maken. Als kind is de wetenschapper door zijn ouders gepusht om tafelmanieren te leren, en ook in zijn jeugd is de afstand tot de natuur vergroot. Zijn moeder houdt van de natuur:”As long as it stays in the zoo where it belongs.”

De aapmens die de wetenschappers Puff noemen zit opgesloten in een glazen kooi in een laboratorium. Hier wordt hij getraind. Elke keer als hij een fout maakt krijgt hij een elektrische schok door zijn lijf. Zo leert hij het af om zijn instincten te volgen. Puff besluit het ‘spel’ van Bronfman mee te spelen wanneer hij deze de liefde ziet bedrijven met zijn minnares. Seks besluit hem mens te doen worden.

Bronfman leert in feite een mens om mens te zijn. Hij creëert Puff tot een evenbeeld van zichzelf, “I can save this unfortunate mans life.” (Gondry 2001) Hij poneert zichzelf zo als een  god die een homo universalis creëert. Puff leert jongleren, opera kijken, eten in een duur restaurant bestellen, literatuur lezen, filosofie etc. Hij krijgt voordat hij zijn kwaliteiten in het ‘echte leven’mag testen de boodschap:”When in doubt, don’t do what you really want to do”(Gondry 2001). Bronfman onderzoekt Puffs ontwikkeling niet om te zoeken naar zingeving of de essentie van wat een mens maakt, hij is uit op status, macht en geld. Door Puff als een soort freakshow te tonen aan allerlei hoogopgeleide instanties .

Hier kun je een vergelijking zien met een patriarchaal beeld van de wetenschapper. De overtuiging dat een onderwijzer ook een bijdrage levert aan de opvoeding: het, naar eigen inzicht, creëren van een nieuw mens, die binnen het instituut past. Het onderwijs in het algemeen, en zeker een specifieke studie volgt een bepaald vooropgezet plan. Dit plan hoeft voor een student niet in lijn te liggen met wat hij uiteindelijk wil, maar hij is toch verplicht zich ook te scholen in dat wat hij of zij niet direct als noodzaak ziet. Is het echter niet zo dat iedere student verwacht dat, door een universitaire studie af te ronden een plaats te vinden die past in het beeld gesteld door de maatschappij? De gekte maar ook de originaliteit van een mens,  wordt uit de samenleving gebannen of zoals Jaspers het zegt:’ In many cases what is creative comes into being outside the university, is at first rejected by the university, then adopted, and so on until it comes into its own’, het lijkt alsof de universiteit originaliteit toelaat maar eigenlijk het is eerste instantie afkeurt.

De aapmens als categorie voldoet niet aan de eisen van civilisatie. In de film zegt Puff:  “Apes don’t think in terms of type, it might even be argued gentlemen that apes don’t even know they are apes”  (Gondry 2001). Apen zoeken niet naar een vaste definitie van zichzelf.  Is dat wat de civilisatie ons brengt, een oneindige discussie over waar een mens wel of niet aan moet voldoen. waarom doen wij dit dan eigenlijk wel?

De film stelt onder meer dat de mens niet langer moet kijken hoever het menselijk intellect reikt, maar zich juist moet richten op de natuur. De titel Human Nature suggereert dat het de menselijke natuur kenmerkt  om vooral de eigen status aan het intellect af te meten, wat Bronfman presteert en teweeg brengt in de wereld is belangrijker dan ethische vragen die door zijn werk opgeroepen worden. Een andere mogelijke verklaring zou kunnen zijn dat de film aandacht vraagt voor de verdorvenheid van de samenleving, dat gedreven wordt door het schoonheidsideaal en lust. Deze drijfveren slaan een mogelijke essentie van bijvoorbeeld de liefde en innerlijke schoonheid over. Maar een werkelijke zoektocht naar het menselijke, in de huidige maatschappij lijkt onmogelijk omdat deze niet lijkt te bestaan binnen een systeem waar de constante behoefte tot classificeren leidt tot binnen en buiten sluiting. De film ondersteunt dit argument door voor de kwesties die aan het licht gebracht worden  zoals; nurture versus nature, natuur versus civilisatie, intellect versus instinct, niet eenduidige oplossingen aangedragen worden.

Opvallend is dat de film de grensgebieden en discoursen  op zich problematiseert. Datgene buiten het systeem of buiten een discours krijgt geen of vaak alleen negatieve waarde toegekend. De keuzemogelijkheid voor ieder individu beperkt zich tot de ene keuze, wil je er bij horen of niet. Deze grenspositie wordt verbeeld, in de rol van de over behaarde natuurschrijfster en de vriendin van Nathan. Zij zit op de grens tussen een normaal mens, en een ‘wilde’. Zij leert Puff om weer aap te zijn. Hij kiest ervoor om de mensheid op te roepen bewust te leven. Maar, hij zet echter zijn terugkeer naar de natuur in scene, en maakt toch de keuze om binnen het systeem van ‘de mens’ te blijven. Dit geeft aan dat een plaats binnen het systeem niet makkelijk opgegeven kan worden. We pretenderen anders te willen zijn maar dit is in feite onmogelijk. Het voelt prettig om er bij te horen, ook al verloochen we daarmee misschien onze werkelijke natuur, zoals verlangens, gedachten en handelingen die ons in de loop der jaren zijn afgeleerd.
De functie van Puff is om de grens aan te duiden van de mens, hij wil namelijk zelf niet direct geplaatst worden onder een bepaalde noemer. Hij accepteert zelf het discours dat hem geboden wordt door de wetenschap maar is ook in staat deze te verwerpen. Hij kan de grens overschrijden omdat hij in contact is met zowel zijn menselijkheid alsmede zijn dierlijk instinct. Wij als studenten aan de geesteswetenschap zouden ons meer moeten richten op de mogelijkheid om de grenzen van onze eigen discipline kunnen opzoeken om ze zo mogelijk ook te overschrijden. De disciplinering van de student creëert op latere leeftijd mogelijk een machtspositie, maar de discipline ontneemt ons tot op zekere hoogte de mogelijkheid tot reflecteren op ons eigen denken.