“But all that has ended. The world-mirror is broken, irreparably, it seems. About what is really going on in the lecture hall your guess is as good as mine: men and men, men and apes, apes and men, apes and apes. The lecture hall itself may be nothing but a zoo. The words on the page will no longer stand up and be counted, each proclaiming “I mean what I mean!” The dictionary that used to stand beside the Bible and the works of Shakespeare above the fireplace, where in pious Romans homes the household gods were kept, has become just one code book among many.” (…) “What do you think?’ she says. ‘What does your experience tell you? And is difference such a bad thing? If there were no difference, what would become of desire?” J.M. Coetzee. Elizabeth Costello. (1999): p19 en 23.
Updates from Rowan RSS Toggle Comment Threads | Keyboard Shortcuts
-
Rowan
-
Rowan
The Green Mile Trailer:
http://www.youtube.com/watch?v=ctRK-4Vt7dA -
Rowan
De disciplinering van God, de staat en de gebonden en verbondenheid van de taal
Literatuur & Wetenschap Essay 2: Discipline & Disciplinering
De disciplinering van God, de staat en de gebonden en verbondenheid van de taal
Aan het begin van het ontstaan van de mensheid zou de mens één en dezelfde taal hebben gesproken, één wereldtaal. Volgens mythes, zoals de toren van Babel, kon de mens door een straf van God elkaar niet meer verstaan. Er werd door God een bepaalde vorm van disciplinering uitgevoerd. Een disciplinering door een hogere macht via straf, doordat er verschillende talen werden gecreëerd. De mythe van de toren van Babel gaat als volgt: Volgens de Bijbel (Genesis 11) was Babel de eerste stad in het land Sinear, die de nakomelingen van Noach bouwden. De koning van het land was Nimrod en onder zijn gezag wilde men een toren bouwen die ‘tot aan de hemel’ zou reiken. Het volk ging tegen de wil van God in, omdat ze even machtig wilden zijn als Hem. Om de macht van het volk te beperken, verwarde Hij hun taal en verspreidden hen over de wereld.In dit essay stel ik niet het punt of God wel of niet de verschillende talen heeft gecreëerd. Dit omdat het een oneindige discussie tot gevolg zou hebben, omdat we het niet kunnen bewijzen. Het gaat in dit essay dus niet over de geloofkwestie, maar over de disciplinering van God, de disciplinering van de staat en de taal waaraan we als mens zijn gebonden (en tevens verbonden).
De disciplinering die God uitvoert, volgens de mythe, op de mensen kan worden gezien als een voorbeeld van het fenomeen welke Michel Foucault uitwerkt in zijn filosofische werk over discipline, toezicht en straf (Surveiller et Punir, 1975). Foucault beschrijft in dit boek namelijk de 17e en 18e eeuwse verandering in het geven van straffen. Een straf was eerst gericht op het lichaam (lijfstraffen), waarna het overging van een straf die gericht is op de ziel (heropvoeding). De vorm van discipline welke God gebruikt kan worden gezien als heropvoeding. Vervolgens stelt hij in zijn werk dat deze ontwikkeling heeft geleidt tot een onderwerping van het menselijke lichaam aan disciplinerende krachten. Geen mens kan zich meer ontrekken aan deze onzichtbare macht. De mens past zich tevens ook uit zichzelf aan, aan de standaarden voor normaliteit binnen de maatschappij. Als je niet de normen en waarden volgt, wordt je als abnormaal beschouwd en uit de maatschappij verwijderd. Je komt bijvoorbeeld in de gevangenis of in het gesticht terecht. Daarnaast zijn volgens Foucault ook scholen disciplinerende instellingen. De universiteit kan de idealen op leggen en haar leerlingen disciplineren. Maar door welke middelen kan discipline eigenlijk worden opgelegd? Is het vrijwel altijd een vorm van straf, in de breedste zin van het woord of kan het ook op andere manier plaatsvinden? De verwante vraag hieraan is daarom ook: Is discipline aangeleerd, aangeboren of een combinatie van beiden?
Foucault brengt de metafoor van het panopticum (ontleend aan Jeremy Benthams koepelgevangenis) naar voren om de disciplinerende krachten duidelijker te maken. De mensheid wordt voortdurend in de gaten gehouden, maar deze controle is onzichtbaar, waardoor we niet weten wanneer we worden gecontroleerd. Hierdoor gaan we ons gedragen, alsof we constant in de gaten worden gehouden. Toezicht en controle worden hierdoor naar mijn mening het machtsinstrument van de staat. Zoals Foucault ook poogt, is de vrijheid in feiten fictie, we worden op bepaalde manieren gestuurd. We zijn constant gebonden aan regels, aan normen en waarden, aan de cultuur en ten slotte aan de taal. Deze vorm van disciplinering heeft God in het begin getracht uit te voeren. We weten nooit wanneer God naar ons kijkt of naar een ander en zodra we ongehoorzaam zijn, heeft hij een passende straf voor ons. De gelovigen onder ons kunnen hier een houvast aan hebben.
De disciplinering van de mens door, of God of de staat, zal ‘makkelijker’ zijn als iedereen met elkaar kan communiceren, waardoor er geen verwarringen kunnen ontstaan. De wereldliteratuur die Goethe voor ogen heeft, is daarom een interessant streven, aangezien de communicatie tussen mensen gebonden is aan taal. Met de Weltliteratur wil Goethe duidelijk maken dat het belangrijk is als de literatuur onbegrensd is. De literatuur moet voor iedereen beschikbaar worden, zodat iedereen de literatuur van anderen kan lezen. Dit is echter, naar mijn mening, een utopische gedachte, omdat niet iedereen de grenzen over kan. Door de globalisering wordt de wereld kleiner voor ons, voor de Westerse wereld, maar voor bijvoorbeeld de meeste mensen uit de Afrikaanse landen blijft de wereld even groot als die al was. Tevens willen Spivak en Goethe een universele wereldvrede bereiken met ‘hun wereldtaal’. Maar kan een wereldtaal, als we dat al kunnen bereiken, zorgen voor wereldvrede? Kunnen we door gezamenlijk één taal te spreken vrediger naast elkaar leven? Naar mijn mening is dit niet mogelijk, omdat we dan misschien wel beter kunnen communiceren, maar de mens blijf zijn eigen culturele, sociale normen en waarden houden. Door een wereldtaal zouden we elkaar makkelijker kunnen begrijpen en meer respect kunnen krijgen voor elkaar, maar de concrete waarden en normen blijven vaak gericht op de eigen cultuur. Emoties komen daarnaast ook vaak beter tot uiting in je moedertaal, waardoor de wereldtaal de tweede taal blijft. Kan een moedertaal eigenlijk veranderen? Kan bijvoorbeeld een emigrant de taal van het land, waarnaar hij/zij is geëmigreerd, maken tot zijn/haar moedertaal?
Tevens kan je opmerken dat er dan ook een universele gebarentaal zou moeten zijn, wat ook niet-doven zouden moeten beheersen. Zodra we zowel een wereldtaal als universele gebarentaal hebben kan er iets bestaan als een wereldliteratuur. De kanttekening blijft dan nog steeds dat niet iedereen toegang heeft tot deze universele literatuur om de wereldtaal te leren. Willen we het ideaal van Spivak en Goethe nastreven moeten we eerst de globalisatie ook toegankelijk maken voor onder ander ontwikkelingslanden en tevens de wereldtaal en de universele doventaal creëren en leren. De discipline taal en de disciplinering van mensen door een bepaalde institutie zijn en blijven interessant onderzoeksobjecten, waarover oneindig gediscussieerd kan worden.
Tranceform, Karin. ‘De toren van Babel, mythe en werkelijkheid.’ Artikeltjes. 15-02-2009.
Foucault, Michel. ‘Discipline & Punish: The Birth of the Prison.’ NY: Vintage Books, 1995: p. 195-228.
Spivak, Gayatri Chakravorty. ‘Chapter 1. Crossing Borders’. In: Death of a Discipline, America: Columbia University Press, 2003: p. 1-23.
Schutz, Hans Joachim ed. Comparative Literature: The Early Years: An Anthology of Essays. Chapel Hill: University of North Carolina Press, 1973: p. 3-11.
-
Rowan
“Of course, the literary is not a blueprint to be followed in unmediated social action. But if as teachers of literature we teach reading, literature can be our teacher as well as our object of investigation. And, since we are imprisoned in the vicious circle of our stakes in institutional power, the Magistrate’s researches in extremis can perhaps rearrange our desires. With team teaching and institutional goodwill, we can continue to supplement Area Studies with this lesson in view. Our own undecidable meaning is in the irreducible figure that stands in for the eyes of the other. This is the effortful task: to displace the fear of our faceless students, behind whom are the eyes of the global others.”
Spivak, Chapter 1 Crossing Border. p. 23. -
Rowan
Uitleg Foucaults filosofie door Ellen Geerlings: “Dat wat de praktijk van de menswetenschappen ten diepste bepaald is een structuur van onderling samenhangende begrippen, ideeën en regels die even ongemerkt kan verdwijnen als hij ooit is opgekomen. [...] Hetzelfde geld voor het object van de wetenschap, en voor de manieren waarop dit object onderzocht moet worden.” “Sociale, culturele, wetenschappelijke en andere praktijken zijn dus, aldus Foucault, bepalend voor wie wij zijn. De identiteit van het individu, ja zelfs de idee van humaniteit of menselijkheid wordt door dergelijke praktijken geproduceerd.” Ellen Geerlings. Het oog in de storm. Wegwijs in de filosofie. Amsterdam: Uitgeverij Boom, 2007: p. 242 en 244.
-
Rowan
Vraagtekens zetten bij het onderwerp Universiteit & Universaliteit
Op 2 september 2010 stond in een artikel van de Elsevier dat één op de drie hoogleraren en universitaire hoofddocenten aan verschillende Nederlandse universiteiten het bachelor-masterstelsel als een mislukking zien. Elsevier komt tot deze redenering door een onderzoek van het blad zelf en het onderzoeksinstituut ResearchNed onder 2.027 professoren.
“Driekwart vindt dat het de universiteit vrij moet zijn om studenten aan de poort te selecteren. Maar liefst 95 procent van de ondervraagden vreest dat Nederland internationaal achterop raakt als er niet meer geld beschikbaar komt voor wetenschappelijk onderzoek. En 89 procent vindt dat hbo en universiteit strikt gescheiden moeten blijven.” (Van Leeuwen, 2010).
-
Rowan
01:46:45,218 –> 01:46:47,345 @ I’m well-dressed@ 1612 01:46:47,420 –> 01:46:50,514 @ Waitin’ on the last train @ [...] 01:47:08,641 –> 01:47:11,838 @ People are crazy and times are strange@ 1617 01:47:11,911 –> 01:47:15,745 @ I’m locked in tight I’m out of range@ 1618 01:47:15,815 –> 01:47:18,716 @ I used to care, but@ 1619 01:47:18,785 –> 01:47:20,946 @ Things have changed@ Deze zinnen van de titelsong van Wonder Boys (gezongen door Bob Dylan) geeft op een poetische manier de inhoud van de film weer. Daarnaast kan je de trein zien voor een metafoor van het leven. Iedereen neemt bepaalde treinen (lees: wegen) binnen het leven, de prof. neemt de laatste trein om z’n leven op orde te krijgen, omdat hij een verandering doorgaat van verwarde, verslaafde prof. naar een huisvader met literaire talenten. “Things have changed”. Het mooie aan dit lied is dat het vraagtekens zet bij de essentie van het leven en het concept tijd.
Bob Dylan “Things Have Changed”. Titelsong Wonder Boys (2000) -
Rowan
“I felt myself more comfortable and more enclosed in the world of human beings. The storm which blew me out of my past eased off. Today it is only a gentle breeze which cools my heels. [...] your experience as apes, gentlemen – to the extent that you have something of that sort behind you – cannot be more distant from you than mine is from me. But it tickles at the heels of everyone who walks here on earth, the small chimanzee as well as the great Achilles.”
Franz Kafka. “A Report for An Academy.”
sverest 7:49 pm on October 13, 2010 Permalink | Log in to Reply
Rowan, je essay bevat een vraag die vanuit een ander gezichtspunt heel erg aansluit bij de mogelijkheid van een Weltliteratur, namelijk: ‘Kan een moedertaal eigenlijk veranderen?’ Om er antwoord op te geven: Nee, dat kan niet, daarvoor is het immers een moedertaal; het is de taal die je als kind als eerste verwerft doordat de talige omgeving (de ouders, familie, landgenoten en vrienden) je die taal als het ware aanbied.
Nu ligt dit al lastiger bij mensen die in een tweetalige omgeving opgroeien: je zou kunnen zeggen dat deze mensen twee moedertalen bezitten die ze tot hun beschikking hebben.
Het is onder taalkundigen bekend dat het verwerven van (moeder)talen een bepaalde ‘kritische’ periode behelst, waarin het mogelijk is je op een goede manier een taal eigen te maken. Na deze kritische periode zou het niet meer mogelijk zijn je een (nieuwe) taal helemaal perfect eigen te maken. Deze kritische periode ligt in de eerste jaren van het leven van een kind (over de precieze leeftijd is geen duidelijkheid: de ene taalkundige noemt 8 jaar de grens waarop een taal goed kan worden verworven; anderen spreken van 12 jaar).
Dit houdt dus in dat kinderen tot een bepaalde leeftijd zeer goed talen kunnen verwerven. Nu zal dat aantal talen niet eindeloos zijn, omdat er natuurlijk ook andere factoren een rol spelen (cognitieve vermogen, geheugen, etc.), maar het leidt wel tot de hypothese dat het theoretisch mogelijk zou moeten zijn een kind meer dan twee talen aan te leren op zodanige manier dat het kind de talen (bijna) net zozeer onder de knie heeft dan de eigenlijke moedertaal.
Het geeft de mooie idealistische gedachte dat de Weltliteratur kan worden bereikt: door elk kind maar zoveel mogelijk talen te laten verwerven (waarbij daar tussen kinderen onderlinge verschillen over bestaan) zijn de talen in de wereld een stuk dichter bij elkaar gekomen en kunnen begrippen/noties die in de ene taal niet met woorden geuit kunnen worden, dat in een andere taal wel.
Nu weet ik dat bovenstaande waarschijnlijk voor altijd een utopie zal blijven, omdat veel meer kenmerken daarbij een rol spelen (zoals cultuur), maar het is wel interessant te bezien dat de taal eigenlijk niet meer is dan een instrument dat pas na de geboorte door een kind naar zijn hand wordt gezet. Een taal is en blijft mensenwerk.
thomasvangrol 8:09 pm on October 13, 2010 Permalink | Log in to Reply
Ik denk dat een moedertaal wel kan veranderen, maar alleen als je over meerdere generaties kijkt. In één generatie kan het niet veranderen, maar één universele taal kan ook niet in één generatie ontworpen worden. Zoiets moet bewegen, zich ontwikkelen. Als ouders maar vanaf de geboorte van hun kind die taal zouden spreken, al is hun eigen taalgebruik gebrekkig, dan helpt dat heel veel. In een paar generaties spreekt iedereen het vloeiend. Het probleem is, dat je dit niet in je eentje kan doen, daarvoor moet de hele wereld om ons heen ook veranderen en de taal gebruiken.
Rowan 12:48 pm on October 17, 2010 Permalink | Log in to Reply
Bedankt voor jullie reacties! Om in te gaan of een moedertaal kan veranderen, naar mijn mening kan je moedertaal niet vervangen worden, maar kan er wel sprake zijn van meerdere moedertalen. Een vriendin van mij heeft de eerste dertien jaar van haar leven in China geleefd, voordat ze naar Nederland kwam met haar ouders. Thuis spreekt ze alleen Chinees, maar buitenshuis spreekt ze alleen Nederlands. Beide spreekt ze vloeiend en ze hoeft niet na te denken over wat ze zegt. Dit betekent dus eigenlijk dat ze twee moedertalen heeft. Ik denk dat het verschilt per kind in hoeverre hij/zij de talen kan opnemen alsof het zijn/haar moedertaal is. Als er inderdaad de hypothes wordt gestelt dat elk kind de wereldtaal zou moeten leren, zouden we over vele miljoenen jaren misschien een wereldliteratuur kunnen creëeren. Maar daarnaast denk ik dat de litaratuur en de talen nog steeds cultuur gebonden blijven, waardoor we eerst de culturen gelijk moeten trekken, waardoor daarna pas een literatuur kan ontstaan welke wereldvrede tot uiting brengt.
rene 11:11 pm on November 3, 2010 Permalink | Log in to Reply
Volgens Foucault passen we disciplinering op onszelf toe. Het subject onderwerpt zichzelf aan bepaalde regels. Dus het maakt, in het licht van Foucault, niet echt uit of we allemaal dezelfde taal spreken; onderworpen worden we toch wel. Hier kan gesproken worden van een disciplinering in gedrag, niet zozeer door straffen, maar veeleer door afkeuring en categorisering. Het vermogen tot zelfdisciplinering is aangeboren, maar de disciplinering komt voort uit de categorisering van een cultuur. Denk bijvoorbeeld aan de seksuele categorisering: homo, hetero, bi, etc. Deze categorisering staat centraal bij Foucault. We gaan ons er vanzelf naar gedragen, aangezien het gemeengoed wordt.